Zoeken
Sitemap Mijn profiel Contact Fr
 

Er zijn op het ogenblik
39 bezoekers


 

Home > Starters

Voorstellen registratie buitenlandse arbeiders en hoofdelijke aansprakelijkheid:
ondoordacht en zonder overleg genomen

Sinds enkele dagen pleegt minister Peter Vanvelthoven zeer intensief overleg met de bouwsector om tijdens een rondetafel te komen tot concrete en werkbare voorstellen, die uiteindelijk de strijd moeten aanbinden tegen de oneerlijke concurrentie en het zwartwerk in de bouwsector. De Confederatie Bouw vraagt al jaren een realistische maar concrete globale aanpak van het zwartwerk, en wil in het belang van de bonafide bouwbedrijven de strijd aanbinden tegen alle vormen van oneerlijke concurrentie, ook die vanwege de buitenlandse arbeidskrachten uit nieuwe EU-landen. Tijdens deze rondetafelbesprekingen onderhandelen niet alleen de bouwpartners, maar ook de inspectiediensten, Sociale Zaken, Financiën en de kabinetsmedewerkers van minister Vanvelthoven zelf over de verschillende concrete maatregelen, die gezamenlijk moeten worden genomen om een effectieve strijd te kunnen voeren tegen het zwartwerk.

Het is dan ook onbegrijpelijk om via de pers te moeten vernemen dat minister Vanvelthoven, buiten de rondetafelbesprekingen om en zonder overleg, een aantal initiatieven neemt ter beteugeling van het zwartwerk in de sector.

Het initiatief om een elektronische registratie van buitenlandse arbeidskrachten in te voeren, maar vooral zijn wetsontwerp om de hoofdaannemer aansprakelijk te stellen voor het zwartwerk bij onderaanneming, zijn dan ook verbazingwekkend. Dit doet vragen rijzen over de ernst van het overleg met alle betrokken partijen en doorkruist alle besprekingen van de door de minister zelf georganiseerde rondetafel.

Voor de controle van de buitenlandse ondernemingen en hun arbeidskrachten is het LIMOSA-initiatief (elektronische melding aan een databank, te vergelijken met de DIMONA-aangifte) een beter vertrekpunt (detachering van buitenlandse arbeidskrachten). Deze databank dient aangevuld te worden met de gegevens over welke aannemer op welke bouwplaatsen aanwezig is. Op deze wijze zijn de inspectiediensten perfect in staat om na te gaan of de buitenlandse aannemer zich, als uitvoerder van een bepaalde bouwactiviteit, wel degelijk heeft gemeld bij de LIMOSA-databank, en als het gaat om een Belgische onderneming, of deze wel degelijk is ingeschreven in de RSZ-databank. ”Enkel met die kennis van wie waar welke werken uitvoert, kunnen doelgerichte controles en inspecties op een eigentijdse wijze worden uitgevoerd op de bouwplaatsen”, stelt Gabriël Delporte, secretaris-generaal van de Confederatie Bouw.

Over het tweede initiatief van minister Vanvelthoven waarbij de hoofdaannemer verantwoordelijk zou worden gesteld voor het zwartwerk van 'een' onderaannemer, stelt Delporte teleurgesteld: “Dit is totaal onrealistisch en onbegrijpelijk! Precies nu dat tijdens de rondetafelbesprekingen het dossier van de aansprakelijkheidsregeling ter discussie staat en moet bekeken worden in het licht van de recente veroordeling van ons land door het Europees Hof van Justitie voor haar discriminerende regeling ten opzichte van buitenlandse bouwbedrijven, worden er zonder overleg initiatieven genomen. Hoe kan nu zo’n belangrijk dossier behandeld worden in een programmawet zonder fundamenteel debat met de betrokken sectoren en zonder voorafgaand parlementair debat?”

De Confederatie Bouw zal dan ook alle mogelijke stappen ondernemen om de concrete uitvoerbaarheid van de initiatieven te vrijwaren en om ervoor te zorgen dat niet de bonafide Belgische bouwbedrijven het slachtoffer worden van maatregelen die voorbijgaan aan de basisbekommernis, namelijk het concreet bestrijden van alle vormen van oneerlijke concurrentie en zwartwerk in de bouw.

Meer weten:

Verantwoordelijke perscontacten: Véronique Vanderbruggen
tel: 02 545 56 26; gsm: 0477 36 09 44;
e-mail: veronique.vanderbruggen@confederatiebouw.be