Terug naar Info Corona pagina

FAQ - Uitvoeren van bouwactiviteiten tijdens de coronacrisis (update 13/11/2020)

Welke activiteiten zijn toegestaan?

Door de versoepeling van de maatregelen op het einde van de eerste coronagolf en de lancering van de Generieke Gids (op 4 mei), zijn alle bouwactiviteiten, zowel buiten als binnen, opnieuw toegestaan. Uiteraard mits het nemen van de passende preventiemaatregelen. Voor het werken in bewoonde en gebruikte gebouwen (dit betreft onder andere ook het doen van de nodige opmetingen en planbesprekingen in functie van offertes en werkplanning) werd er in het sectorprotocol van 7 mei trouwens een apart luik met specifieke maatregelen opgenomen. 


Moet “social distancing” op elk moment nageleefd worden?

Het respecteren van de social distancing is sinds begin mei niet langer een resultaats- maar een inspanningsverbintenis. Dit betekent dat je niet noodzakelijk je activiteiten moet sluiten als je niet op elk moment de social distancing kan naleven.

De ondernemingen moeten wel steeds de passende preventiemaatregelen nemen. Basis daarbij blijft om maximaal de 1,5 m sociale afstand te kunnen behouden. Zowel in de bedrijfsgebouwen, op de werf, als tijdens het collectief vervoer van personeel.

Indien het voor bepaalde activiteiten praktisch onmogelijk is om deze veilige afstand te bewaren, dienen andere maatregelen van materiële, technische en/of organisatorische aard (mondmasker, eventueel handschoenen,..) te worden genomen die minstens een gelijkwaardig niveau van bescherming bieden.

De sociaal inspecteurs houden toezicht op de naleving van de anti-coronaregels.


Welke preventiemaatregelen nemen en hoe?

De uit te werken maatregelen zijn veiligheids- en gezondheidsvoorschriften van materiële, technische en/of organisatorische aard. Collectieve maatregelen hebben steeds voorrang op individuele.

Op basis van de Generieke Gids (opgesteld binnen de Groep van Tien), werd op 7 mei door de sociale partners binnen het PC 124 een sectorprotocol ondertekend dat alle specifieke preventiemaatregelen vastlegt.

Bij dit anti-COVID-19-protocol horen drie essentiële documenten uitgegeven door ons sectoraal veiligheidsinstituut Constructiv: de preventiefiche 1068, de gedetailleerde risicoanalyse en een checklist voor het uitvoeren van werken in bewoonde (huizen en appartementen) en gebruikte (bedrijven, kantoren, scholen enz.) gebouwen.

De bedrijven informeren de werknemers tijdig over deze geldende preventiemaatregelen en verstrekken hen een passende opleiding. Zij informeren ook derden (onder- en nevenaannemers, veiligheidscoördinator, …) tijdig over deze geldende preventiemaatregelen. Ook met de opdrachtgever dient vooraf voldoende afgestemd te worden over de werkplek en de te nemen maatregelen.


Welke zijn de specifieke richtlijnen voor werken binnenshuis?

In het sectorprotocol zijn ook de specifieke voorwaarden afgesproken voor werken in bewoonde en gebruikte gebouwen.

  • Vooraleer de werken binnenshuis te starten, zal er overleg zijn tussen de bewoners en de uitvoerders, dit in situatie met de planning en de situatie ter plaatse, en de eventuele wens van de bewoners om geen werken uit te voeren. 
  • Interactie tussen bewoners en/of gebruikers van het gebouw enerzijds en de uitvoerders van de werkzaamheden anderzijds moet beperkt en indien mogelijk vermeden worden. 
  • Bewoners/gebruikers zijn niet aanwezig in de ruimte waarin effectief gewerkt wordt tenzij de ruimte groot genoeg is.
  • De toegang naar de ruimte waar gewerkt moet worden, moet vrij zijn en indien mogelijk uitsluitend voorbehouden aan de uitvoerders. Als dat niet mogelijk is, moet iedereen die zich in de doorgang bevindt (zowel uitvoerders als bewoners/gebruikers), een mondmasker dragen en de social distancing zo goed als mogelijk respecteren. Desgevallend kunnen voorrangsregels worden opgesteld om “kruising” te vermijden.
  • Om een maximale bescherming te garanderen, stelt de werkgever een PBM-kit ter beschikking van de werknemers die binnenshuis werken, waarvan de inhoud door Constructiv werd vastgelegd in een aparte infofiche.

In geval van binnenshuis werken op plaatsen waar personen verblijven die ziektesymptomen van COVID-19 vertonen, dienen volgende maatregelen te worden voorzien: 

  • Alle uitvoerders dragen verplicht een persoonlijk beschermingsmiddel  (FFP2-masker of meer);
  • Geen enkele interactie met de zieke(n);
  • Alle bewoners/gebruikers van het gebouw dienen een mondmasker te dragen;
  • Bijkomende persoonlijke beschermingsmiddelen (handschoenen, bril, …) worden in onderling overleg besproken tussen werkgever en werknemer;
  • Een uniforme sectorvragenlijst dient vooraf door de eigenaar/bewoner/gebruiker van het gebouw ingevuld te worden om de situatie goed te kunnen inschatten.

Hoe zit het met de coactiviteit op de werven? 

Hiermee wordt bedoeld dat meerdere aannemers op hetzelfde ogenblik op dezelfde werf bouwactiviteiten uitvoeren. Ons sectoraal protocol zegt hierover dat we de coactiviteit zoveel mogelijk moeten proberen te beperken om COVID-19-besmetting  maximaal te vermijden.

In geval van coactiviteit duidt de hoofdaannemer een voldoende bevoegd coronaverantwoordelijke aan (iemand van de hiërarchische lijn van de hoofdaannemer, bijvoorbeeld de werfleider of een ploegbaas). De coördinaten van deze coronaverantwoordelijke zullen worden uitgehangen op de werf, naar analogie met de signalisatieverantwoordelijke bij wegenwerken, alsook ter kennis gebracht van de veiligheidscoördinator en alle actoren aanwezig op de werf. Het moet dus bij voorkeur gaan om iemand van de hiërarchische lijn van de hoofdaannemer, iemand die de nodige bevoegdheid en gezag heeft. Dit betekent dat de interne preventieadviseur geen coronaverantwoordelijke kan zijn, omdat hij per definitie slechts een adviserende rol heeft. Het is ook niet noodzakelijk dat de verantwoordelijke constant op de werf aanwezig is. Eenzelfde coronaverantwoordelijke kan zelfs worden aangeduid voor meerdere werven.

In geval van coactiviteit waarbij de social distancing niet doorlopend kan gerespecteerd worden, dienen ook volgende organisatorische maatregelen genomen: 

  • Indien mogelijk, één enkele onder- of nevenaannemer per verdieping/ werklocatie/afgebakende ruimte (sequentiële opeenvolging).
  • Indien niet mogelijk, het aantal arbeiders (van dezelfde of verschillende werkgevers) die tegelijk aan de slag zijn, op eenzelfde verdieping/ werklocatie/afgebakende ruimte beperken. Waarbij elke arbeider verplicht wordt een mondmasker te dragen. De arbeider die dit weigert, kan door de coronaverantwoordelijke of de door hem aangestelde van de werf worden verwijderd, op basis van het arbeidsreglement of een clausule in het onderaannemingscontract.
  • Op werven dienen werknemers en andere aanwezigen zo min mogelijk elkaar te kruisen. Hiertoe kan een circulatieplan uitgewerkt worden (bv. éénrichtingsverkeer), inclusief voorrangsregels (bij kruising) en het dragen van mondmaskers.
  • Het item werforganisatie bij coactiviteit in coronatijden dient expliciet vooraf besproken te worden tussen de opdrachtgevende aannemer en zijn onderaannemer(s).

Wat zijn de gevolgen van “social distancing” op het vervoer naar en van de werven?

Ook de regels met betrekking tot het gemeenschappelijk vervoer van werknemers van en naar de werf werden vastgelegd in het sectorprotocol van 7 mei en in de ermee onlosmakelijk verbonden preventiefiche 1068.

De basisregel blijft het respecteren van de social distancing van 1,5m. In dat geval moeten er geen extra zaken voorzien worden.

Als afstand houden om praktische redenen echter niet lukt, dient er een aantal maatregelen genomen:

  1. het beperken van het aantal inzittenden. Gebruik trouwens nooit de maximum capaciteit want zulks is medisch onverantwoord (direct contact tussen de passagiers) en de politiediensten treden hier tegen op! In voertuigen met voorin slechts 2 zitplaatsen en geen achterbank(en), zijn er zowel een flexibele afscherming als maskers nodig. Anders mag enkel de chauffeur aan boord zijn.
  2. en/of het plaatsen van afschermingen in flexibele kunststof; 
  3. daarenboven zullen alle passagiers steeds een mondmasker moeten dragen om hun collega’s te beschermen en moet er ontsmettende handgel aanwezig zijn. Bijkomende instructies: zorg dat de ventilatiesystemen goed functioneren en schenk bijzondere aandacht aan de hygiëne in de voertuigen.

Voor de regels inzake de conformiteit van afschermingen in voertuigen voor collectief transport verwijzen we naar het reglementair kader uitgewerkt door de verschillende gewesten:


Zijn de lokalen van het bedrijf voor het publiek toegankelijk?

Sinds het laatste MB met bijkomende maatregelen tegen COVID-19, dat op 1 november jl. in het Belgisch Staatsblad verscheen, mogen aannemers die over een toonzaal beschikken, hierin geen B2C-klanten meer ontvangen. Dit kan alleen nog voor B2B-contacten en dan nog op afspraak.

Particuliere klanten op kantoor ontvangen voor plan-, offerte- of contactbesprekingen, kan wél nog. Individueel, op afspraak en met inachtname van alle preventieregels (max. 2 mensen per gezin; handen ontsmetten bij aankomst en vertrek, afstand houden, mondmaskers dragen, …).


Hoe zit het met de handelaars in bouwmaterialen?

Bouwmaterialenhandels mogen ook na het laatste (strengere) MB gewoon openblijven. En dit zowel voor B2B- als B2C-klanten. Ook “gespecialiseerde winkels” in verven en vloertegels mogen dit. Deze drie expliciet vermelde categorieën worden door de regering op dezelfde voet behandeld als de doe-het-zelf-zaken, die eveneens open mochten blijven.